#11 onze eigen bevallingen
Als Creationteam hebben wij zelf ondertussen bij elkaar opgeteld al ongeveer 30 bevallingen achter de rug, waarin wij elkaar hebben bijgestaan. De meeste van die bevallingen vonden thuis plaats, maar ook een aantal in het ziekenhuis met medische redenen. Hieronder beschrijft een van ons hoe zij het heeft ervaren om als verloskundige zelf een kind te baren.
Als verloskundige ga je natuurlijk met enige kennis en ervaringen je eigen bevalling tegemoet. Je hebt aardig in je hoofd wat je wel en niet zou willen, hoe je dingen denkt te gaan doen en (ja eerlijk) wat voor cliënte je wel of niet wilt (of denkt te gaan) zijn…
Helemaal blij was ik toen er rond 23.00uur eindelijk iets leek te gebeuren. Een uur daarvoor was ik nog overtuigd dat deze baby vast tot 42 weken zou blijven zitten… Meteen “weeën” die elkaar regelmatig opvolgden en tot mijn verrassing ook aardig zeer deden. Ik kon niet in bed blijven liggen en doorpraten, maar moest actief op mijn ademhaling letten en rondjes blijven lopen. Na een uur zo door besloot ik te gaan timen: ze kwamen al een tijdje iedere 3-5 minuten, maar de “weeën” duurden slechts 40-50 seconden. Dit waren nog niet de échte weeën. Dus m’n verloskundige adviezen uit de kast getrokken en zo zat ik, na 2 paracetamols ingenomen te hebben, uren onder de douche. En als ik niet onder de douche zat, liep ik rondjes met een warme kruik. Om daarna weer onder de douche te gaan. En al puffend een rondje buiten te lopen (die eindigde in rennen omdat het ging regenen). Over dat puffen gesproken; ik was toch niet die cliënte die tijdens de aanloopfase serieus al weeën ging wegzuchten? Dat wordt nog wat… Maar de situatie bleef nagenoeg hetzelfde. “Dan gaat het óf doorzetten, óf afzakken”, hoorde ik mezelf zeggen. Lekker dan, die adviezen. Helpt voor geen meter. En ondertussen had ik medelijden met al die dames die ik met m’n goedbedoelde adviezen mogelijk met een kluitje het riet in had gestuurd. Nooit bedacht dat “het” ook gewoon hetzelfde kon blijven…
Die ochtend deed ik er zo’n 3 uur over voordat ik de knoop doorhakte om Rosanne te bellen. Want ik ging toch al helemaal niet die zwangere zijn die belde met weeën die net geen minuut duurden? Ik voelde gewoon dat er niet veel veranderde, en dat zegt genoeg… Dan maar bellen met een voorstel of ze niet nog een keer wil komen strippen want dit schiet niet op zo. Maar dat leek haar geen niet zo’n goed idee. Stiekem tranen met tuiten hierom gelaten, maar; nóg meer geduld bleek een schone zaak.
Rond 15.00u leek er wat meer verandering te komen. De weeën werden langer en kwamen korter op elkaar, en na een tijdje timen bleken de meeste dan ook eindelijk langer dan een minuut te duren. Ik vond mezelf op handen en knieën in de woonkamer, leunend op de eettafel en overgevend boven het toilet. Hoera, dit begint er eindelijk op te lijken! Nu wil ik toch wel zeker weten of we het bad op kunnen gaan zetten, want straks zetten we de hele woonkamer op z’n kop voor niks. Dus rond kwart over 5 gebeld, en toen Hilde hier om half 6 was bleek ik 4 cm te hebben. Precies wat ik dacht en hoopte. Ze vond me “goed in partu” en het voelde heel gunstig aan. ‘Jij kunt best wel eens vlot gaan bevallen!’ zei ze, en stelde voor om te blijven en rustig spullen klaar te zetten. Dat leek mij niet zo’n goed plan, want dit kon nog wel uren zo doorgaan. Zo’n eerste baby valt er écht niet zomaar uit en het was nog maar een tikkie erger dan die 18 uren hiervoor. Laat ons nog maar lekker samen rommelen.
Het knopje in m’n hoofd kon wel eindelijk om; nu ben ik écht aan het bevallen! Hilde ging ervandoor, het bad werd opgezet, en toen ging het ineens in sneltreinvaart. Zuslief werd erbij gebeld want ik vond het toch wel fijn als er naast mijn man nog iemand bij was. Al gauw wist ik niet meer zo goed wat er allemaal in mijn lijf gebeurde, behalve dat het héél serieus voelde. Was dit persdrang? Nee toch? Het voelt niet alsof ik moet poepen dus dat zal wel niet. “Schat, bel Rosanne maar weer dat ze moet komen, want ik weet allemaal niet wat ik voel maar ze kan er maar beter zijn”. Intussen probeerde ik bij mezelf te voelen hoe ver ik was, maar ik kwam alleen mega gespannen vliezen tegen, dus ik trok meteen mijn vingers terug. Die vliezen konden maar beter blijven staan tot Rosanne er was want anders is dit niet meer te houden. Mán wat een druk op die bekkenbodem. “Zeg ook maar dat ik persdrang heb want dan komt ze snel”, roep ik terwijl hij al aan de telefoon hangt met Rosanne. Fijn, die is onderweg. Een paar weeën later voelt het alsof er een waterballon van binnenuit kapot klapt en breken m’n vliezen. Gelukkig, helder water. Ik proest en pruttel half met mijn neus in het bad de weeën weg, normaal zuchten gaat niet meer. Ik probeer mezelf weer te toucheren en voel een heleboel haar. Wow, ze is er bijna! Ik hoop maar dat Rosanne er op tijd is. Ach, en anders komt het ook wel goed, ik wil haar toch zelf aanpakken. Zal ik mijn man mijn eigen verlostas nog van zolder laten halen? Nee, daar kan ik nu toch niks mee. Ik heb haar alleen al een hele tijd niet meer gevoeld en ook geen hartslag geluisterd, zou het nog wel goed gaan? En zou Rosanne er wel aan denken om onderweg al kraamzorg te bellen? Ik laat het los en focus me op de weeën.
Rosanne stapt binnen en schat in één oogopslag in dat deze baby inderdaad bijna geboren gaat worden. Mijn man wordt ingezet om tassen uit de auto te halen en mijn zus om de kraamzorg te bellen. Rosanne heeft intussen “een ingewikkelde vraag” voor mij: ‘heb je toevallig je eigen partusset (steriele set met instrumenten) voor het grijpen liggen? Die van mij zijn allebei al gebruikt bij de bevallingen van voorgaande dagen’. Gelukkig had ik net 10 minuten daarvoor bedacht waar m’n eigen spullen lagen. Nu weet ik niet eens meer zeker of die nog gepakt en gebruikt zijn, maar achteraf moest ik hier wel om grinniken. Had ik hem nou maar wel de opdracht gegeven om alvast mijn tas van zolder te halen…
Dat persen vond ik overigens hélemaal niks. Wát een pijn, ik zeg dus nóóit meer tegen vrouwen dat het fijn is om te mogen persen “want dan kan je iets met die weeën”. Ik durfde niet eens actief mee te persen. Ik voelde voorzichtig aan mijn perineum – wát een spanning! Dit komt nooit goed. En er zit nog zo’n groot stuk hoofd achter wat geboren moet worden, als ik nu pers wordt het vast een totaalruptuur. Met een bijna geboren hoofdje tussen mijn benen stapt daar ook Lianne de woonkamer in. ‘Hee, wat leuk dat jij er ook nog op tijd bent!’ zeg ik nog (of iets in die trant) en 2 minuten later, 23 minuten na aankomst van Rosanne, wordt om 19.55 uur onze prachtige dochter geboren. Wat een zegen! En wat een droom! Na enig gepruts was daar gelukkig ook de placenta, en had ik helaas nog wat hechtingen nodig. Het enige stuk van de bevalling wat ik écht niet leuk vond overigens. Maar zo’n wolk van een dochter op je borst maakt veel goed – ook dat cliché is waar.
Wat een wonderlijke, intense en krachtige gebeurtenis, zo’n bevalling. Heel bijzonder om dit zelf te mogen ervaren. Grappig om te ervaren dat ik het stukje verloskundige zijn niet helemaal uit kon zetten, maar dat dit me juist veel vertrouwen gaf. Ik krijg bij het terugkijken van de foto’s en het teruglezen van dit verhaal gewoon weer zin om nog eens te bevallen, en dat zegt denk ik genoeg over mijn ervaring.’
Dit is het 11e verhaal van de serie 20 verhalen over 20 jaar Creation. Deze categorie gaat over de alledaagse praktijk. Dit zijn de verhalen die aan de orde van de dag zijn en een inkijkje geven in ons bestaan. Zo hopen we je een goed beeld te geven over het vak en hoe het ook weerslag heeft op onze privé levens. Ondanks al het geregeld en de drukte, genieten we van ons werk en staan we elke dag klaar voor onze cliënten!
Terug naar overzicht